dyslexie hulp

zeg jij wel eens voor?

Als klein meisje vond ik het heerlijk om in de weer te zijn met mijn eigen keukentje. Ik zette koffie en thee voor het bezoek, “mijn knuffels”, en deed mijn kinderen (ook mijn knuffels) een slabje om als we gingen eten. Ik kopieerde het gedrag van mijn ouders. Ik keek wat zij deden en deed dat na. Dit is iets wat alle kinderen tijdens het opgroeien doen, het is een natuurlijk proces.

We kijken af.

Zo leren we. We kijken naar het voorbeeld en doen het na. Dit geld voor de gehele ontwikkeling. We kijken naar hoe onze ouders lopen en doen dat stapje voor stapje na. We horen onze ouders praten en proberen het ook. Deze ontwikkeling gaat stap voor stap, met vallen en op staan. Iedereen in zijn eigen tempo. Zo loopt het ene kind al met 1 jaar los terwijl de andere nog aan het kruipen is.

Maar als onze kinderen naar de basisschool gaan en leren lezen, rekenen en schrijven, mogen we niet meer afkijken. Je mag datgene wat je altijd hebt gedaan niet meer doen. Het is zelf zo dat je voor dit natuurlijke gedrag bestraft wordt.

Dit maakt onzeker, het is verwarrend.

KIJK AF en ZEG VOOR

In mijn praktijk waar ik werk met mensen met leer- en gedragsproblemen, zoals dyslexie, dyscalculie en ADHD is een van de belangrijkste regels: KIJK AF!

De mensen waar ik mee werk, verwerken de informatie het makkelijkst door middel van beeld (beelddenkers). Bij twijfel, verwarring en onzekerheid gaan ze in hun beelden opzoek naar de juiste informatie, desoriëntatie noemen we dat. Als ze de juiste informatie niet snel genoeg vinden, gaan ze gokken. Door de vele beelden die ze hebben is de kans veel groter dat het fout is dan goed. Dit zorgt voor een nog grotere twijfel, meer onzekerheid en kan leiden tot faalangst en andere sociaal emotionele problemen.

Bij alle oefeningen die ik doen, geef ik ze altijd de mogelijkheid om af te kijken (of voor te laten zeggen). Hierdoor voorkom ik dat ze gedesoriënteerd raken en de waarneming verstoord raakt. Ze blijven in het hier en nu en kunnen de gegeven informatie op de juiste manier opslaan.

Voor zeggen en afkijken is helemaal niet erg

Thuis kun je kind ook helpen door voor te zeggen, of af te laten kijken.

Spreek af met je kind dat als je kind tijdens het lezen een woord niet weet, ze niet hoeven te gokken of raden. Maar dat ze jou dan even aankijkt. Zeg het woord dat voor, spel het samen, bespreek de betekenis, maak er een beeld bij. Hierdoor kan je kind woorden makkelijker onthouden en zul je op een gegeven moment merken dat ze niet steeds weer struikelen over dezelfde woorden.

Als je oefent met de tafels kun je de sommen met de antwoorden afgedekt op tafel leggen. Als je kind twijfelt laat het dan het blaadje omdraaien en af kijken. Zeg die som dan nog een paar keer samen hard op. Draai dan het blaadje weer om en zeg de som nog een keer hard op.
Je zult merken dat het blaadje steeds minder vaak omgedraaid hoeft te worden.
Soms geeft het idee van het mogen afkijken al zo veel rust dat de sommen veel makkelijker blijven hangen.

Wil je meer weten, ben je op zoek naar hulp voor je zelf, of voor je kind. Neem dan contact met me op.